Meerkeuzevragen beantwoorden, hoe doe je dat?

Tijdens het eindexamen komen meerkeuzevragen (ook wel multiple choice) vaak voor. Meerkeuzevragen lijken soms makkelijker dan ze zijn, doordat het antwoord op de vraag al gegeven is. Hoewel het fijn is dat het antwoord al gegeven is, kan het lastig zijn om het juiste antwoord te kiezen. Bij meerkeuzevragen kunnen meerdere opties namelijk goed lijken. Deze 8 tips helpen je om makkelijker tot het juiste antwoord te komen.

Meerkeuzevragen beantwoorden, hoe doe je dat?

Tijdens het eindexamen komen meerkeuzevragen (ook wel multiple choice) vaak voor. Meerkeuzevragen lijken soms makkelijker dan ze zijn, doordat het antwoord op de vraag al gegeven is. Hoewel het fijn is dat het antwoord al gegeven is, kan het lastig zijn om het juiste antwoord te kiezen. Bij meerkeuzevragen kunnen meerdere opties namelijk goed lijken. Deze 8 tips helpen je om makkelijker tot het juiste antwoord te komen.

Tip 1: Lees de vraag heel goed

De formulering van meerkeuzevragen is soms moeilijk te begrijpen. Voordat je antwoord geeft, is het belangrijk dat je precies weet wat er staat en wat er gevraagd wordt. Staan er lastige woorden in de vraag? Zoek deze dan op in je woordenboek.

Tip 2: Bekijk alle antwoorden​

De antwoorden van meerkeuzevragen bevatten vaak allemaal wel correcte informatie, maar uiteindelijk is er slechts één antwoord dat de vraag volledig beantwoordt. Kijk daarom goed naar alle antwoorden en kies niet meteen voor het eerste antwoord dat goed lijkt.

Tip 3: Denk niet te moeilijk

Het goede antwoord zal altijd tussen de mogelijkheden staan. Als je denkt dat het een strikvraag is, ben je te moeilijk aan het denken. Kies voor het antwoord dat het beste aansluit op de vraag.

Tip 4: Ga strategisch te werk

Er staat altijd een antwoord tussen dat zeker niet klopt. Streep deze alvast weg. Bepaal daarna het verschil tussen de overgebleven opties en kijk welke het beste aansluit op de vraag.

Tip 5: Blijf niet te lang hangen bij een vraag

Als je het antwoord niet meteen weet, kun je beter doorgaan naar de volgende vraag. Beantwoord eerst de vragen die je direct weet. Daarna kun je de vragen beantwoorden die je wat moeilijker vindt. En als laatste beantwoord je de vragen, waar je echt wat langer over na moet denken. 

Tip 6: Kijk of je alle vragen hebt ingevuld

Kijk aan het eind of je alle vragen hebt beantwoord. Bij meerkeuzevragen kun je namelijk alle vragen invullen. Als je het antwoord echt niet weet, is gokken altijd beter dan de vraag open laten. De kans dat je het goede antwoord invult, is best groot. 

Kijk daarnaast ook of je naam op het examen staat, alle antwoorden bij de juiste vraag staan en of de vragen duidelijk zijn ingevuld (met name als je iets verbeterd hebt).

Tip 7: Verander je antwoorden niet

Meestal is je eerste ingeving juist. Verander je antwoord dus niet als je aan het einde alles nog een keer doorkijkt. Alleen als je echt zeker weet dat je het fout hebt gedaan, door een inzicht dat je hebt gekregen, is het verstandig je antwoord aan te passen.

Tip 8: Oefen zoveel mogelijk met meerkeuzevragen

Door veel te oefenen raak je gewend aan de manier van vragen. Hierdoor weet jij tijdens het examen precies hoe je meerkeuzevragen het beste kunt aanpakken.

Zo ga je vol zelfvertrouwen de eindexamens in!

Tip 1: Lees de vraag heel goed

De formulering van meerkeuzevragen is soms moeilijk te begrijpen. Voordat je antwoord geeft, is het belangrijk dat je precies weet wat er staat en wat er gevraagd wordt. Staan er lastige woorden in de vraag? Zoek deze dan op in je woordenboek.

Tip 2: Bekijk alle antwoorden

De antwoorden van meerkeuzevragen bevatten vaak allemaal wel correcte informatie, maar uiteindelijk is er slechts één antwoord dat de vraag volledig beantwoordt. Kijk daarom goed naar alle antwoorden en kies niet meteen voor het eerste antwoord dat goed lijkt.

Tip 3: Denk niet te moeilijk

Het goede antwoord zal altijd tussen de mogelijkheden staan. Als je denkt dat het een strikvraag is, ben je te moeilijk aan het denken. Kies voor het antwoord dat het beste aansluit op de vraag.

Tip 4: Ga strategisch te werk

Er staat altijd een antwoord tussen dat zeker niet klopt. Streep deze alvast weg. Bepaal daarna het verschil tussen de overgebleven opties en kijk welke het beste aansluit op de vraag.

Tip 5: Blijf niet te lang hangen bij een vraag

Als je het antwoord niet meteen weet, kun je beter doorgaan naar de volgende vraag. Beantwoord eerst de vragen die je direct weet. Daarna kun je de vragen beantwoorden die je wat moeilijker vindt. En als laatste beantwoord je de vragen, waar je echt wat langer over na moet denken. 

Tip 6: Kijk of je alle vragen hebt ingevuld

Kijk aan het eind of je alle vragen hebt beantwoord. Bij meerkeuzevragen kun je namelijk alle vragen invullen. Als je het antwoord echt niet weet, is gokken altijd beter dan de vraag open laten. De kans dat je het goede antwoord invult, is best groot. 

Kijk daarnaast ook of je naam op het examen staat, alle antwoorden bij de juiste vraag staan en of de vragen duidelijk zijn ingevuld (met name als je iets verbeterd hebt).

Tip 7: Verander je antwoorden niet

Meestal is je eerste ingeving juist. Verander je antwoord dus niet als je aan het einde alles nog een keer doorkijkt. Alleen als je echt zeker weet dat je het fout hebt gedaan, door een inzicht dat je hebt gekregen, is het verstandig je antwoord aan te passen.

Tip 8: Oefen zoveel mogelijk met meerkeuzevragen

Door veel te oefenen raak je gewend aan de manier van vragen. Hierdoor weet jij tijdens het examen precies hoe je meerkeuzevragen het beste kunt aanpakken.

Zo ga je vol zelfvertrouwen de eindexamens in!