Veelgestelde vragen over het eindexamen 2021

Het coronavirus en de centraal eindexamens

Het coronavirus en de centraal eindexamens

Ja, vooralsnog gaan de eindexamens gewoon door dit jaar.

Er zijn wel aanpassingen om examenleerlingen tegemoet te komen.

Er zijn verschillende aanpassingen gedaan om examenleerlingen tegemoet te komen in dit vreemde examenjaar.

  • Het tweede tijdvak wordt verlengd van 4 naar 10 dagen. Zo kunnen de centrale examens gespreid worden over het eerste en tweede tijdvak en kunnen leerlingen die in het eerste tijdvak ziek zijn het examen in het tweede tijdvak afleggen.
  • Er is een extra derde tijdvak waarin leerlingen een examen kunnen herkansen wat ze tijdens het tweede tijdvak voor het eerst gemaakt hebben.
  • Leerlingen krijgen een extra herkansing voor het centraal examen. Leerlingen kunnen 2 examens herkansen in plaats van 1.
  • Leerlingen krijgen de mogelijkheid om het eindcijfer van één niet-kernvak buiten beschouwing te laten bij het bepalen van de einduitslag. Voor de overige cijfers geldt de standaard slaag-zakregeling.
  • Voor het beroepsgerichte profielvak in vmbo: Dit vak wordt afgesloten met een schoolexamen in plaats van een centraal schriftelijk en praktisch examen (cspe).
  • Er zal een aangepaste normering komen.

Scholen, leerlingen en leraren moeten zich houden aan de richtlijnen van het RIVM (1,5 meter afstand bewaren en thuisblijven bij klachten).

Bron: Rijksoverheid.nl

Als een leerling ziek is of in quarantaine zit, kan hij of zij het school- of praktijkexamen later afronden.

Dit moet ingehaald worden vóór het centraal examen van het betreffende vak.

Bron: Rijksoverheid.nl

Dit examenjaar is het tweede tijdvak verlengd van 4 naar 10 afnamedagen. Wanneer je ziek bent tijdens het eerste tijdvak, kun je het examen inhalen in het tweede tijdvak en eventueel herkansen in het derde tijdvak.

Bekijk ook de algemene regels voor ziek zijn tijdens het eindexamen.

Bron: Rijksoverheid.nl

De uitslag van het centraal eindexamen

De uitslag van het centraal eindexamen

Nee. De eis ‘geen cijfer lager dan 4’ geldt voor de eindcijfers. Voor de CE-cijfers geldt alleen dat het gemiddelde van alle CE-cijfers minimaal 5,5 moet zijn, wat met een 3 in principe nog steeds haalbaar is.

Ook mag je dit jaar door de extra corona-aanpassingen een cijfer buiten beschouwing laten bij het bepalen van de einduitslag. De uitslag wordt dan bepaald op basis van de overige cijfers. Het cijfer blijft wel op je cijferlijst staan, maar telt niet mee.

Er zijn echter ook vakken die alleen met een CE worden afgerond, bijvoorbeeld het beroepsgerichte vak, als de school daarvoor heeft gekozen. In dat geval is een 3,1 voor het cspe wel ‘dodelijk’.

Lees hier meer over wanneer je precies geslaagd bent.

Vanaf het centraal examen 2012 geldt de exameneis dat het gemiddelde van alle CE-cijfers minimaal 5,5 moet zijn.

Ook het cspe (Centraal Schriftelijk en Praktisch Examen) telt mee.

Cijfers voor vakken zónder CE (maatschappijleer 1 vmbo, wiskunde D havo, etc.) tellen niet mee.

Let op: Dit jaar, in verband met de coronamaatregelen, kan een niet-kernvak weggestreept worden. Dit cijfer telt dan dus niet mee in deze CE-eis (het cijfer blijft wel op je cijferlijst staan).

CE uit twee delen

Als een centraal examen uit twee delen bestaat, telt het uiteindelijke (gewogen) gemiddelde CE-cijfer mee.

Extra vak

Een extra vak telt gewoon mee, tenzij je ervoor kiest het te laten vervallen.

Op een extra vak kan een leerling niet zakken, omdat je een extra vak altijd nog mag laten vallen. Een goed CE-cijfer voor een extra vak kan er wel voor zorgen dat je gemiddelde CE-cijfer hoger uitvalt en je dus wél slaagt.

Voorbeelden

Enkele (vereenvoudigde) voorbeelden. Onderdelen als LO en het profielwerkstuk zijn voor de overzichtelijkheid buiten beschouwing gelaten.

Voorbeeld 1: Leerling TL

 

SE

CE

Eindcijfer

Ne

5,5

5,5

6

En

5,5

5,5

6

Du

5,6

5,4

6

wi

5,5

5,5

6

nask1

5,5

5,5

6

bi

5,5

5,5

6

ec

5,5

5,5

6

De 5,4 voor Duits doet deze leerling de das om bij de CE-eis. Maar hij heeft in meer vakken examen afgelegd dan het vereiste minimum. Duits kan worden weggelaten, ook zonder Duits past hij nog in een profiel (in meerdere zelfs). Met weglating van Duits voldoet hij wél aan de CE-eis. Hij kan ervoor kiezen om Duits wel op zijn cijferlijst te vermelden. Hij is dus geslaagd.

Voorbeeld 2: leerling TL

 

SE

CE

Eindcijfer

Ne

5,5

5,5

6

En

5,5

5,5

6

Du

5,6

5,4

6

wi

5,5

5,5

6

nask1

5,5

5,5

6

bi

1,4

5,5

3

ec

5,5

5,5

6

Deze leerling voldoet op twee punten niet aan de exameneisen. De 5,4 voor het CE Duits zorgt ervoor dat hij niet voldoet aan de CE-eis. De 3 voor biologie (eindcijfer) was al op grond van de eerdere uitslagregels fataal. Hij heeft wel een vak meer dan het vereiste minimum, maar dat helpt hem in dit geval niet.

Voor de CE-eis moet Duits worden weggelaten en voor de andere regel biologie. Dan zijn beide vakken ‘verdwenen’ en houdt hij geen volledig examen over.

Voorbeeld 3: leerling KB, bouwbreed met extra vak Spaans

 

SE

CE

Eindcijfer

Ne

5,5

5,5

6

En

5,8

5,2

6

Sp

7,0

8,0

8

wi

6,0

5,2

6

nask1

6,1

5,0

6

bouwbreed

5,8

5,3

6

Zonder Spaans zou deze leerling niet aan de CE-eis voldoen. Met Spaans meegerekend is hij royaal geslaagd. Hij is dus geslaagd.

Lees ook: ‘Wanneer ben je geslaagd?’

Voor havo en vwo geldt voor elke uitslag vanaf schooljaar 2012-2013 de kernvakkenregel: Voor de vakken Nederlands, Engels en wiskunde mag niet meer dan één eindcijfer vijf gehaald worden.

Om te kunnen slagen moet de examenkandidaat voor deze drie vakken halen:

  • Één 5 en verder 6 of hoger of;
  • Alles 6 of hoger.
     

Kun je slagen met eindcijfers 4,5; 5,5 en 5,5?

Eindcijfers zijn hele getallen. In dit voorbeeld 5, 6 en 6. Met deze cijfer voldoe je dus aan de kernvakkenregel.

Wat als iemand meer wiskundevakken doet?

Als iemand in meer wiskundevakken eindexamen heeft gedaan telt slechts één van die vakken mee binnen de kernvakkenregel. Wiskunde D mag alleen naast wiskunde B worden gekozen. Dan is wiskunde B het kernvak.

Voor CM-ers havo is wiskunde niet verplicht; wat dan?

Als een CM-leerling geen wiskunde doet, geldt de kernvakkenregel uitsluitend voor Nederlands en Engels.

Als een CM-leerling wel wiskunde A of B doet, dan telt wiskunde mee voor de kernvakkenregel. Dan geldt wel de algemene regel m.b.t. het extra vak: als zonder wiskunde A een pakket kan worden gevormd dat aan de eisen voldoet, mag wiskunde A buiten beschouwing worden gelaten.

Lees ook: ‘Wat is de kernvakkenregel?’

Ja en nee. 

Nee, het vak heeft niet voldoende omvang om mee te tellen als verplicht groot vak in het vrije deel. Maar naast een groot vak in het vrije deel mag kunst (algemeen) wel in de uitslag meetellen. Het vak mag met zijn cijfer op de cijferlijst worden vermeld, en het cijfer kan meetellen voor een eventueel benodigde compensatie.

N.B. Twee ‘kleine’ vakken zijn samen géén groot vak.

Gemiddelden van de resultaten van de centrale examens per vak en schooltype worden elk jaar in september gepubliceerd in het Examenverslag op de website van Cito. Dit zijn de gemiddelden gebaseerd op een steekproef van Cito. De praktijk leert dat de uiteindelijke cijfers van de hele groep examenkandidaten niet sterk afwijken van de steekproef.

Naast de gemiddelde cijfers bevat het verslag ook algemene gegevens over het verloop van de examencampagne. Over percentages geslaagden is aan de hand van deze gegevens nog niets te zeggen. In de gegevens voor de normering ontbreken de schoolexamencijfers, de resultaten voor de herkansing en de vakkenpakketten van de kandidaten.

Om het effect van de verscherpingen in de uitslagregelingen te volgen, stelt de afdeling Informatieproducten van DUO jaarlijks de zogenaamde Examenmonitor op. Deze verschijnt doorgaans in november en wordt door de minister aan de Tweede Kamer gezonden. In deze monitor staan allerlei cijfers en feiten met betrekking tot de eindexamens van het afgelopen schooljaar, waaronder de gemiddelde cijfers van de centrale examens.

Op de site Scholen op de kaart maken scholen aan de hand van onder andere kerncijfers inzichtelijk wat de kwaliteit is van de school. De gemiddelden van de centrale examens, het slaag/zakpercentage en andere gegevens met betrekking tot het eindexamen worden daarbij opgenomen. Ook is daar een vergelijking met de rest van Nederland te vinden. Deze gegevens zijn gebaseerd op de aan BRON geleverde gegevens. Doorgaans worden deze in het najaar zichtbaar in Scholen op de kaart.

Doordat de centraal eindexamens in 2020 niet doorgingen, in verband met het coronavirus, ontbreken bovenstaande rapporten voor dit jaar.

Van docenten die Engels op havo-niveau onderwijzen heeft het CvTE berichten ontvangen, waarin zij aangaven de indruk te hebben dat de centrale examens Engels havo de laatste jaren makkelijker zijn geworden. Zij zien voor het kernvak Engels hogere cijfers op het CE, maar ervaren geen vaardigheidsstijging bij de leerlingen in de klas. Wat is hier aan de hand?

Het artikel ‘Vroeger waren de examens Engels veel moeilijker, toch? legt dit uit.

De normering bij het centraal eindexamen

De normering bij het centraal eindexamen

De data van bekendmaking van de normering worden jaarlijks opgenomen in de activiteitenplanning.

Voor 2021 geldt:

  • Bekendmaking normering eerste tijdvak algemene vakken vwo, havo en vmbo gl/tl en papieren CE’s bb en kb: 10 juni 2021 om 08:00 uur
  • Bekendmaking normering digitale CE’s bb en kb: 16 juni 2021 om 08:00 uur
  • Bekendmaking normering tweede tijdvak: 2 juli 2021 om 08:00 uur
  • Bekendmaking normering derde tijdvak: 15 juli 2021 om 08:00 uur

De normeringsterm van het eerste tijdvak geldt als ‘basis’ voor het tweede tijdvak. Daarnaast worden de afnamegegevens van het tweede-tijdvak-examen geanalyseerd. Daarbij wordt rekening gehouden met het feit dat aan het tweede tijdvak kandidaten deelnemen die een meer gevarieerde groep vormen dan die bij het eerste tijdvak. Daarom wordt gekeken naar de deelpopulatie met een onvoldoende in het eerste tijdvak. Als deze kandidaten in het tweede tijdvak slechter scoren dan in het eerste tijdvak, is dat een signaal dat het tweede tijdvak moeilijker is. De N-term wordt daarop aangepast.

De afrondingsregel is in principe eenvoudig:

Per kandidaat is er een lijst van CE-cijfers (zie de veelgestelde vraag ”welke cijfers tellen mee?”). Van die lijst wordt het rekenkundig gemiddelde bepaald. Dat rekenkundig gemiddelde moet voldoende zijn; 5,5 of hoger.

Je bent geslaagd bij een gemiddelde van 5,50 of hoger, maar niet met een gemiddelde van 5,49.

Regelgeving over afronding

Het eindexamenbesluit VO regelt expliciet of, hoe en hoe ver examenresultaten voor de berekening van de uitslag moeten worden afgerond en niet hoe het binnen het schoolexamen moet als er geen CE op het SE volgt.

Dat laatste heeft bij het SE geleid tot het tussentijds afronden. Bijvoorbeeld, het gemiddelde van de resultaten van maatschappijleer 1 is 5,46. Dat wordt afgerond naar een 5,5; wat daarna wordt afgerond naar een 6.

De school mag deze tussentijdse afronding toepassen voor het SE, maar is daartoe niet verplicht. Het is verstandig de afronding van de schoolexamencijfers vast te leggen in het Examenreglement (dus ook als er niet tussentijds wordt afgerond), om verwarring en discussie hierover te voorkomen.

Zodra (ook) cijfers voor het centraal examen meetellen, stopt de keuzevrijheid van de school en dient de school zich aan vastgestelde regels te houden:

  • Het eindcijfer (dat op het grootste deel van de uitslagregels van toepassing is) is een geheel getal.
  • Het SE-cijfer van een vak zonder CE is eveneens een geheel getal. Dat gehele getal is dan meteen het eindcijfer.
  • Het SE-cijfer van een vak mét CE is een getal met één decimaal.
  • Het CE-cijfer van een vak is een getal met één decimaal (zelfs als er geen SE is).

De schaallengte is samen met de normeringsterm en de score van de kandidaat nodig om het cijfer te berekenen.

De lengtes van de scoreschalen centraal (schriftelijk) examen worden opgenomen in de mededelingen over de cijferbepaling die na de normering aan de scholen verzonden worden.

Meer over de normering vindt u in het onderwerp normering.

Het cijfer voor het centraal examen kan nooit hoger zijn dan het cijfer 10.

Vergroot je slagingskans met OnlineSlagen!

Het examenjaar is voor iedere examenleerling een spannende periode. Wil jij vol zelfvertrouwen de eindexamens in? Dan is een goede voorbereiding belangrijk. 

Bij OnlineSlagen vind je de meest complete online examentrainingen op alle niveaus. Jaarlijks helpen wij meer dan 40.000 examenkandidaten bij de voorbereidingen op zowel de school- als eindexamens.

Nieuwsgierig? Bekijk ons aanbod of maak gratis een account aan: